Julia Jinne Sensei leest voor uit Dansen in het Duister

"Niet-weten is de hoogste vorm van intimiteit"

Julia Jinne Sensei leest een fragment voor uit het boek Dansen in het Duister van Nico Tydeman. Onderaan kun je naar het fragment luisteren. Hieronder leidt ze het in. 

In Dansen in het Duister schrijft Nico Tydeman in de proloog: “terwijl ik alles zoveel mogelijk regel is er een ontregeling gaande. In die ontregeling echter ben ik mateloos geïnteresseerd. Dit is slechts vaag voor het oog dat zich uitsluitend richt op zekerheid van kennis, het berekenbare, het meetbare, het resultaat. Maar het is helder voor wie het onkenbare uit het kenbare ziet verschijnen, ofwel voor wie het bestaan begint te schitteren als een groot, ondoorgrondelijk mysterie.”

Ontregeling is gaande. Hoe onbarmhartig het soms ook is, hoe pijnlijk, hoe eenzaam, hoe onzeker, ik ervaar ook lichtheid, ik ervaar grote intimiteit. Zoals een vriend aan me schreef  “En gek genoeg is er ook een soort lichtheid. Misschien juist omdat je niet weet waar en wanneer het ophoudt. Terwijl je tegelijkertijd de duisternis voelt en haast kan aanraken. Dus dit is zen..”

Precies dat, ik kan het haast aanraken. Rauwe schoonheid. Flinterdun worden de lijnen. En dat bracht bij mij in herinnering de woorden van Jizo: “niet-weten is de hoogste vorm van intimiteit”.  Voor mij is dit de kern van zen: grenzeloze intimiteit. Zoals we reciteerden tot voor kort in de zendo: “Het wezen van de grote wijze werd op intieme wijze van West naar Oost overgedragen.”

Tot grote troost voor mij zijn dan deze woorden die ik mag voorlezen: “Elk menselijk bestaan wordt doortrokken van een verdriet waarvoor geen troost bestaat. Wij allen dragen een ziekte onder de leden waarvoor geen geneesmiddel voorhanden is.” Een grote troost, omdat in dit grote verlies een bevrijdende intimiteit schuilt die zijn weerga niet kent.  

Nico schreef er in zen virus deel V over:

Yunmen (Jap. Ummon) zei tot zijn leerlingen: ‘Medicijn en ziekte genezen elkaar. Heel de aarde is medicijn. Wie ben jij?

Vooruit omdat het bijna Pasen is mag ik Johann Sebastian Bach in deze Arioso uit de Matthäus-Passion het slotwoord laten spreken. Zijn muziek is doordrenkt van de geheime tranen van niet-weten. Hij verloor zijn eerste vrouw op jonge leeftijd en maar liefst tien van zijn kinderen stierven voor hun tiende levensjaar. Beminnen mag hier het slotwoord zijn:

Mijn hart, door diepe droefheid
overstelpt,
nu Jezus van ons
afscheid neemt,
is toch verheugd
om wat Hij achterliet;
Zijn vlees en bloed, o kostbaarheid
Vermaakt Hij mij, zijn eigen erfgenaam,
Zoals hij hier op aarde
voor de zijnen
Steeds hun welzijn heeft gediend,
Zo heeft Hij hen ten einde toe bemind.