Een groot avontuur

26 aug 2018

Geachte en geliefde leerlingen,

In kleinere kring is men hier reeds van op de hoogte, maar nu wil ik het graag aan een brede groep bekend maken: op 1 januari 2019 zal ik het geestelijk leiderschap van het ZCA neerleggen en overdragen aan anderen. Een algemeen bericht hierover gaat naar verwante sangha’s en organisaties. Zie bijlage Nieuw leiderschap ZCA (PDF).

De reden van dit terugtreden is mijn leeftijd. Ik ben 76 en heb vanaf 1991 leiding gegeven aan ons centrum. Van harte kan ik zeggen: het is mooi geweest en nu is de tijd, dat anderen de leiding overnemen.
Wel zal ik met veel plezier onbekommerd tweemaal per jaar de studieklas, de citysesshins en de sesshins in Vught blijven geven.

Ik kijk terug op al die jaren als een groots avontuur. Allereerst het leren kennen van de Zenweg bij Karlfried Dürckheim, Maarten Houtman, het San Francisco Zen Centre, Thich Nhat Hanh, en de vele jaren met Genpo Roshi. En vervolgens het avontuur van het onderricht.
Wat wisten wij, in Nederland, in de zeventiger jaren van de vorige eeuw van het zenboeddhisme? Ook al hadden de boeken van Jan-Willem van de Wetering en Daisetsu Suzuki onze belangstelling weten te wekken, er is een groot verschil tussen lezen over zen en de daadwerkelijke beoefening. Wie heeft geen moeite gehad met de fysieke houding van zazen? Hoe pijnlijk waren de uren van de eerste sesshins? Wat zaten we nou precies te doen op dat kussen? Ik herinner me dat het ook tijd kostte voor ik iets begon te begrijpen van een dharmales. Telkens terugkerende woorden als ‘satori’, ‘kensho’, ‘sunyata’, ‘nirwana’, ‘Dharma’ waren magische klanken en zijn dat voor een deel gelukkig nog steeds. Langzaam ontdekte ik dat de zenweg gegaan wordt via een duister spoor van niet-weten. Dit niet-weten is allereerst conceptuele onwetendheid, waarin het intellect zijn grens erkent. Maar vervolgens wordt ook de grens van kennis ontkent: het wordt grote, absolute, onoplosbare Onwetendheid. Dit niet-weten staat voor een contemplatieve beoefening van het doorzien van begrippen als begrippen en leidt tot een contemplatieve houding van in de werkelijkheid staan. Niet-weten is een ervaring, genaamd extase; niet alleen als overweldigende ervaring, maar letterlijk uit-staan naar, gericht zijn op, ontvankelijk zijn voor de werkelijkheid. Niet-weten transformeert tot een nieuw weten.
Niet-weten is geenszins het privilege van de zenboeddhist. De mystieke tradities van alle religies kennen de via negativa. Niet-weten is het sjibbolet van de mystici. Daaraan kan men de mysticus herkennen. Voor onze beoefening hebben we vele zielsverwante vrienden en vriendinnen.
Tijdens al die jaren van onderricht heb ik meer geleefd met vragen dan pasklare antwoorden. Hoe ontvangen wij de Dharma, die tot ons komt via een ons vreemde Chinees-Japanse cultuur? Wat zijn de redenen voor afstoting of assimilatie? Behalve zazen, als het grootste geschenk van het Oosten voor het Westen, heb ik de waarde leren kennen van het buigen. Maar ook de waardering voor alledaagse, routineuze handelingen: koken, boodschappen doen, schoonmaken, e-mailen. In het meest gewone, schuilt het meest buitengewone en omgekeerd.
Hoe hebben we moeten wennen aan het ‘hebben van een leraar?’ We kennen de priester, de pastor, de predikant, de pastoraal werker, de bisschop. Zij bemiddelen. Maar hoe je te verhouden tot een meester die zeg de Leer te belichamen?
Ik houd niet van de term ‘zenmeester’, ook niet van ‘spiritueel leider’. Ik ben een leraar. En ook al heb de beschikking over een aardig stapeltje aanbevolen literatuur, ik onderricht allereerst met mijn leven – en dat is niet altijd een aangenaam weten. Maar het boeddhaschap zweeft niet boven ons in zuivere luchten, het zit in onze beenderen en botten en mijn taak als leraar is om dat te laten zien.
Het onderricht is altijd wederzijds. Dit toont het ritueel van Shoken waarin leraar en leerling hun relatie formeel bevestigen: Shoken betekent onderzoek: leraar onderzoekt leerling, leerling onderzoekt leraar. In termen van ‘gehoorzaamheid’: leerling hoort leraar, leraar hoort leerling. Eenmaal ‘gehoord’ is de leerling vrij, wat hij daarvoor ook al was. Vraag: hoelang moet een leerling luisteren naar zijn leraar en de leraar luisteren naar zijn leerling?
Toen ik kennismaakte met de zentraining, had ik een hekel aan de rituelen. Ik voelde me bevrijd van de Katholieke Kerk met al zijn toeters en bellen. Maar de Japanse zentraditie is door en door ritualistisch. Zonder ritueel – lees vorm – geen zen. Heel langzaam en ik heb er oud voor moeten worden, ben ik het ritueel opnieuw gaan waarderen. Een handeling, precies omschreven en precies uitgevoerd, eindeloos herhaald, is uiterst behulpzaam om in deze vorm de handeling te doen en mijzelf te vergeten. Het ritueel overstijgt de gedachte aan een ik dat deze handeling verricht, gaat voorbij aan de waardering en het belang dat ik eraan hecht. Niet ik doe het ritueel, maar Het.

Men kan denken dat met mijn terugtreden de pioniersfase voorbij is. Dat is waar en niet waar. Zen is voortdurend pionieren. Wat we beoefenen is altijd als voor de eerste keer. Ook al staan we in een traditie, die overlevering is nooit af. Traditie is er ook dankzij de actualiteit. Traditie moet ook in het heden gemaakt worden, anders is het geen traditie maar simpelweg voorbije, verleden tijd. Traditie is pas levend aanwezig als het herkend kan worden in de huidige geest van de tijd. En dan komen de vragen terug: wat is het tijdloze, waardevolle van de traditie en wat is het nieuwe, verfrissende, progressieve dat de huidige tijd te bieden heeft? Maar ook het heden is ongrijpbaar. Vandaar dat we altijd de zenweg gaan op de tast en niet-wetend, om te ondergaan wat op ons afkomt.
Joke, Lolit, Marieke en Julia ben ik allereerst zeer erkentelijk dat zij bereid zijn het onderricht in de zendo voort te zetten. Zij hadden ook voor de eer kunnen bedanken.
Alle vier kennen vele jaren van zenbeoefening. Die beoefening is beproefd. Want wie lang genoeg het zenpad gaat, wordt vroeg of laat overvallen door twijfel, teleurstelling, de saaiheid van de herhaling, de eentonigheid, de neiging weg te lopen, gevoelens van verzet en opstandigheid, het wel genoeg te vinden. Wie kent niet deze soms zeer moeilijke tijden? Het uithouden van deze moeilijkheden is een louteringsproces, waarin de leerling leert de Weg steeds minder baatzuchtig te gaan, steeds minder gericht op eigen voordeel. De leerling leert de Weg te gaan omwille van de Weg zelf, wat het ook moge inhouden.
Ik heb het vertrouwen dat de Dharma in hun botten en beenderen zit. Ze hoeven slechts naar de zendo te komen, daar te verschijnen en aldus de Boeddha te tonen. En als ze erin slagen over het Onuitsprekelijke ook nog een paar verstaanbare woorden te spreken, dan is daar de Dharma zichtbaar en hoorbaar, voor wie het horen en zien kan.
Ik weet ook dat mijn terugtreden voor al mijn leerlingen een obstakel op de Weg kan zijn. Maar hindernissen zijn er om genomen te worden. Iedere leerling wordt voor een keuze gesteld: heb ik voldoende onderricht genoten zodat ik alleen verder kan gaan of ga ik verder op de Weg aan de hand van een andere leraar, hetzij binnen of buiten de zendo? Misschien een vreemd idee: jarenlang heb je naast je dharmazuster op het kussen gezeten en ineens zit zij als leraar vóór je. Wat nu? Hoewel elke keuze goed is, hoop ik niettemin dat velen hun Weg willen vervolgen met deze nieuwe leraren in de zendo.
Overigens het betekent niet dat je opnieuw Shoken zou moeten doen bij hen, zoals je dat gedaan hebt met mij. Het is wel mogelijk. Toen Genpo Roshi niet meer naar Nederland kwam, hebben verschillende van zijn studenten Shoken gedaan bij mij. Genpo Roshi bleef wel hun ‘root-teacher’. Met dankbaarheid en respect voor je eerste ‘oorspronkelijke’ leraar kun je deze formele relatie met meerdere leraren hebben.

Maar tot december van dit jaar is alles als vanouds. Ik zie met name uit naar de studieklas. Van Spinoza lezen word ik vrolijk. En ik hoop jullie ook.
Op de dinsdagavonden gaan we verder met de Mumonkan in de vertaling van David Hinton: No-Gate Gateway. We beginnen met koan nummer 4: Waarom had Bodhidharma, de Westerse Barbaar met de rode baard, geen baard? Over Bodhidharma valt veel te vertellen, legendarisch, dat wel, maar niet minder belangrijk.

Ter herinnering: In de week van 3 tot en met 8 september vinden er in de zendo transmissies plaats. De ceremonies zijn op vrijdag 7 (Denkai) en zaterdag 8 september (Shiho) vanaf 21.30 uur.
Beide ceremonies vinden plaats in besloten kring, maar daaraan voorafgaand is er zowel op vrijdag als op zaterdag zazen van 20.00 tot 21.00 uur, waarbij iedereen van harte welkom is.

Op dinsdag 11 september is er een coming out voor alle nieuw sensei’s.
Enkele onderdelen uit de transmissie ceremonie zijn dan openbaar.
Iedereen is van harte welkom, ook kun je vrienden en vriendinnen als gast uitnodigen.
Aanvang 20.00 uur.

Niko Roshi