Een vakantiegroet

5 jul 2016

Geachte en geliefde leerlingen,

Vorige week dinsdag hebben we in de zendo afscheid genomen van het seizoen 2015 – 2016.
Daarvoor was er een mooie avond rond het afscheid van Meindert. Michel de Kok, voorzitter van bestuur,  presenteerde namens de sangha een cadeau: een fraai Kwanyin beeld. Er waren woorden van dank voor het vele wat Meindert voor de zendo betekent heeft, alsook woorden die hem succes wensten voor de toekomst.
Wat ik op de  laatste avond van onze zazenbijeenkomst gezegd heb, wil hier graag herhalen.
Het was een moeilijk seizoen voor mij en voor mijn leerlingen. Ik weet: ik heb het jullie moeilijk gemaakt. Ik heb een groot respect en diepe bewondering voor het feit dat jullie naar de zendo zijn blijven komen en ononderbroken zijn doorgegaan met de zenbeoefening.
Ik ben jullie daar dankbaar voor.
Voor iedereen: een fijne vakantie. Joke en ik houden het heel Hollans: twee weken op Texel en wat later nog een week in het ons dierbare Biggekerke.
Uitgerust hopen we eind augustus elkaar weer in de zendo te treffen om met goede moed en met nieuwe inspiratie ons aan de Dharma te wijden.
Bij wijze van vakantiegroet een gedicht, een ode aan Kwanyin, die ik enige tijd geleden schreef op verzoek van de Beweging van Barmhartigheid – de Fraters van Vught.
Ik zet het graag in deze nieuwsbrief. Onze sangha draagt immers de naam van Kwanyin/Kanzeon

Ode aan Kwanyin

Wees gegroet, Naamloze, die vele namen kent
Isis, Avalokitesvara, Maria Moedermaagd, Kanzeon
Altijd Onzichtbare Aanwezige
Voorspreekster van sprakeloze zielen
Zieneres die kwaad noch zonde ziet
Gever, Schenker, Genadebrenger
niemand is van Uw zegen uitgezonderd.

Uw hele lichaam oog en hand
voelsprieten, zuignappen
die zich mengen met een zee van tranen
onblusbaar vuur, onstilbare begeerte
er is geen verlossing van lijden
tenzij er geleden wordt met hen die lijden.

Oogige huid in tweeërlei
het rechter schouwt de eeuwigheid
het linker dwaalt met de dwalende
Uw geheim: U loenst
elk oog gevuld met sunyata
knippert met de wimpers de verschillen weg
en ziet de klachten, kreten,  schreeuwen van pijn.

Uw handen beschrijven in gebarentaal
een bevrijdend alfabet voor de gevangene, de gekooide
zichzelf in boeien geslagen, zichzelf geketend
aan ongewilde geboorte, aan opgelegde dood.

Noch vrouw noch man bent U
androgynisch gelukzalig
yoni en lingam verstrengeld, verweven, verborgen
verspreiden een zachte regen
en brengen koelte waar hitte heerst
hartstocht die alle hartstocht dooft en opnieuw in vlam zet.

Zolang word U reeds aanbeden, bewierookt, aangeroepen
om vruchtbaarheid,  een geschikte huwelijkspartner,
het halen van het rijbewijs
mijn moeder, oud en ziek, de dood nabij
bad dagelijks de rozenkrans en zei
Maria helpt, al moet je soms lang wachten.

Hoe vaak heb ik mij in nood gericht tot U
gesmeekt om gunsten, bijstand, zoetigheden
soms in het Japans want dat klinkt beter
NEN  NEN  JU  SHIN  KI
NEN  NEN  FU  RI  SHIN.

Tot ik onverwachts een woord vernam
– daalde het van boven, kwam het van beneden? –
‘Jij bent Dat!
Jij bent mij en ik ben jou
Kanzeon roept Kanzeon
maak van mij geen beeld van hout of steen
zelfs niet in gedachte
terwijl je hart van liefde overloopt’.

Maar wat moet ik met zoveel handen en al die ogen?
‘Word blind en doof
noem nooit mijn naam
wees onwetend
doe een druppel water in je whisky
proost en drink op Samsara
beweeg je niet
wacht tot alles stilstaat
en als je mij vergeten bent
doe als iemand die ’s nachts in zijn slaap
naar zijn kussen grijpt
zo onbedacht en onbedoeld
maar o zo trefzeker’.

Verklaring:
Kwanyin, ook wel geschreven als Guanyin en in het Japans Kanzeon of Kannon.
*
Regels uit de Enmei Jukko Kannon Gyo, een korte sutra gewijd aan Kanzeon,
dagelijks gezongen in Japanse zentempels.  Het citaat betekent:
’s Morgens is mijn eerste gedachte Kanzeon,
’s Avonds is mijn laatste gedachte Kanzeon.
*
Deze hymne aan Kwanyin verwijst naar een koan uit de Hekiganroku, een collectie verhalen, uitspraken en dialogen, die ook thans gebruikt worden  om verlichting te wekken.
Ungan vroeg Dogo: ‘Hoe maakt de grote Bodhisattva van Compassie gebruik van al die handen en ogen?’ Dogo zei: ‘Het is als iemand die zijn kussen recht trekt met uitgestrekte hand in het midden van de nacht.’ Ungan zei: ‘Ik begrijp het.’ Dogo zei: ‘Wat begrijp je?’  Ungan zei: ‘Het gehele lichaam is hand en oog.’  Dogo zei: ‘Dat zeg je nou wel, maar je vertelt slechts tachtig procent van de waarheid.’  Ungan zei: ‘Hoe zou jij het zeggen?’ Dogo zei: ‘Het gehele lichaam is hand en oog.’